Ter Varent

Ter Varent

 

 

 

Ter Varent is het hoofdrestant van een hof van plaisantie dat in kern opklimt tot de 13de-eeuw en als site woonkwaliteit met een waardevol verleden heeft. Haar geschiedenis is nauw verbonden met die van twee andere kastelen, Ten Dorpe en Canticrode. Van het ooit elf hectaren groot hof bleef minder dan een halve ha rond het kasteel bewaard. Voormalige aanhorigheden zoals de hoeve, de bijgebouwen, park, dreven, moestuin en productiegronden werden tussen de wereldoorlogen verkaveld, waardoor het kasteel momenteel door een bouwblok omsloten is.

 

De oorspronkelijke hoeve, met oudste bekende bron uit 1272, lag onmiddellijk naast het gemeenschappelijke laar of ‘Varent’ van Mortsel en ontleende er zijn naam aan. Het evolueerde al snel naar adellijk bezit.

Vermoedelijk werd het na 1573 door Peter van Berghen, koopman in Engelse wollen stoffen, uitgebreid tot residentieel renaissancistisch landgoed. Het is ook mogelijk dat hij het huis aankocht en dat het gezien de geveltypologie midden 16de-eeuw door Daneel van Ranst werd gebouwd. Samen met de kerk ‘Oude God’ en kasteel Canticrode heeft het de verwoestingen van 1583 bij de val van Antwerpen overleefd en als noodwoning dienstgedaan.

 

Midden 17de-eeuw breidt Dominicus de Raedt Ter Varent met zijn linkervleugel uit en lijft gronden in om zijn domein te vergroten. Met hem bereikt Ter Varent zijn ultiem residentieel karakter. Hij kocht het van zijn broer Jacobus die tegelijkertijd het middeleeuwse ‘Laarhof’ te Reet transformeerde (1650-51) tot imposant renaissancistisch landgoed met een gemaniëreerd tuinencomplex. Twee gravures hiervan geven ons een trouw beeld van zijn smaak en methode om tot de adel verheven te worden.

 

Midden 18de-eeuw verwerft Jacomo Antonio de Carena, kunstminnende rijke koopman van Milanese herkomst het hof. Tot zijn vriendenkring behoorden belangrijke Barokke kunstschilders als Otto van Veen (Venius) leermeester van Rubens. Ook Jacob Jordaens behoorde tot deze vriendenkring. Hun Barokke levensstijl uit zich nu nog in de vroeg barokke deuromlijsting (LOUIS XIII) met zijn borstbeeld: een ridder in wapenuitrusting met het kruis van Malta. Deze ingreep gaf de achtergevel een meer residentieel karakter. Zijn entourage van barokke kunstenaars laat vermoeden dat de inrichting volledig naar de smaak en luister van zijn tijd was ingericht. Voor zijn hotel aan de Meir in Antwerpen gaf hij bijvoorbeeld in 1655, na zijn verheffing in de adelstand, opdracht om twee wandtapijten te weven die het leven van Achilleus voorstellen. Ze hangen nu in het Hallepoortmuseum te Brussel. Hij bouwde in 1661 tegen de ‘Varent’ de neerhofmuur ‘tot bevrijdinge ende siraet’ van zijn huis en neerhof. Ook hij verwerft nieuwe gronden volgens de tijdsgeest en ter expansie van zijn landgoed. Het goed ademt steeds meer en meer de barokke gedachte uit.

 

De Bruyn – Van der Zanden, nieuwe eigenaar in 1771, breidde het goed verder uit door inlijving van aanpalende grond. Hij liet ook de dreef rechttrekken tot tegen de grote weg. Zijn dochter volgde hem op. De Vandermaelenkaart uit 1845 geeft een geometrische basisstructuur aan waardoor we vermoeden dat zij de barokstructuur bestendigde.

 

Charles Blockx, advocaat en eigenaar vanaf 1850, moderniseerde het kasteel, verving de ophaalbrug door de gewelfde brug en verving de gekanteelde muren van het perron door een smeedijzeren balustrade. Hij deformaliseerde de geometrische structuur naar landschappelijke stijl en finaliseerde de oriëntatie van toegang van de voorgevel en site naar de noordzijde, weg gekeerd van de toen recent aangelegde militaire baan.

 

De breuk ontstaat na de dood van weduwe Blocks in 1925. Tien jaar eerder werd een deel van het park verwoest door bominslagen van WO I. In 1928 wordt het park door een immobiliënmaatschappij verkaveld waardoor het ruimtelijk niet meer functioneert. Het kasteel staat nu leeg en mist eigentijds comfort. Het bomenbestand kreeg fout beheer, hoewel enkele exemplaren fraai uitgroeiden. Een corrigerende ingreep dringt zich op om het domein van verder verval te vrijwaren.

 

Bron:

Deze foto en tekst komen van Jan Bleys en staan op http://www.arshorti.be/pdf/TerVarenthistoriek.pdf